Janna van Maar gaat met pensioen. Een nalatenschap van tien jaar betrokkenheid bij onderwijs en logistieke samenwerking.

Per februari neemt Janna van Maar afscheid en gaat zij met pensioen. Janna is vanaf het allereerste begin betrokken geweest bij het netwerk Logistics Overijssel (toen nog in de vorm van de Strategische Logistieke Alliantie (SLA) en later Port Of Logistics Overijssel (POLO)). Ze heeft van dichtbij gezien hoe het netwerk groeide, veranderde en steeds professioneler werd. En met haar scherpe blik, brede kennis en rustige vastberadenheid heeft ze een belangrijke bijdrage geleverd aan de manier waarop we in Overijssel samenwerken aan logistiek.
Een mooi moment om samen met Janna terug te kijken op 10 jaar Logistics Overijssel: op de projecten die haar zijn bijgebleven, de kracht van het netwerk en wat zij wil meegeven.
Je bent vanaf het begin betrokken geweest bij de oprichting van Logistics Overijssel. Wat was destijds jouw rol?
Ik vertegenwoordigde de Regio Zwolle. Mijn rol ging vooral over bedrijventerreinen, regionale samenwerking en economisch beleid. Ik stond ook aan de wieg van de oprichting van Port of Zwolle, een interessant traject dat in de voorbereiding ongeveer drie jaar duurde en waar ik met trots op terugkijk.
Hoe keek je toen naar de netwerkorganisatie voor Logistiek?
In het begin was ik best sceptisch over de nut en noodzaak van een netwerkorganisatie voor heel Overijssel en het initiatief dat de provincie nam. De insteek was de drie regio’s te verbinden: regio Zwolle, regio Twente en regio Deventer. Daarmee hadden we de hele provincie gecoverd. Ons werd gevraagd: denk mee over wat we als samenwerking kunnen bereiken. Wat kun je meer samen dan de afzonderlijke regio’s? Dan kom je toch al snel op acquisitie en profilering uit. Samen kun je door schaalvergroting meer doen en meer impact maken, maar we waren wel kritisch. Wij redden ons altijd goed alleen per regio. En iedere regio heeft een eigen acquisitie en profileringsaanpak. Bijvoorbeeld Port of Zwolle was net opgericht en bouwde aan een sterk eigen merk. Wat is dan de meerwaarde om als Overijssel naar buiten te treden? Het is altijd goed om je de vraag te blijven stellen: waarom doen we dit eigenlijk? Wat is ons bestaansrecht. What’s in it for us?
Als netwerkorganisatie gingen we onder aanvoering van de provincie nadenken over de thema’s voor een samenwerking. We startten met de Strategische Logistieke Alliantie (SLA). De nadruk lag in die periode op informatie uitwisseling. Op hoe iedere regio aan de slag ging met het versterken van de logistiek. Er was best veel verschil in aanpak en cultuur. Port of Twente is bijvoorbeeld ontstaan vanuit een sterk ondernemersdraagvlak. Terwijl Port of Zwolle is opgericht door de gemeenten Zwolle, Kampen en Meppel met de focus op het stroomlijnen en onderling afstemmen van het havenbeleid en het faciliteren van ondernemersvragen over lading, vervoer over water, etc. Port of Deventer was toen nog in de oprichtingsfase. Het eerste wat we echt in gezamenlijkheid hebben gedaan was de Breakbulk-beurs in Bremen. Dat was echt heel goed. Binnen ons netwerk heeft dat ook de onderlinge relaties versterkt en smaakte naar meer. Schaalvergroting door samenwerking biedt veel meer kansen.
In die periode zijn we gaan samenwerken op basis van gedeelde onderwerpen en gezamenlijke belangen. Op de grote thema’s werkt het gewoon: Europese subsidies, logistieke arbeidsmarkt, kennis & innovatie, vrachtwagenparkeren, internationale beurzen. Dan merk je dat met schaalvergroting je samen verder komt.
Wat blijft je het meeste bij, van die 10 jaar Logistics Overijssel? Waar ben je trots op?
Het eerste wat bij me opkomt is dat we elkaar goed weten te vinden als stakeholders in het netwerk van Logistics Overijssel. Een concreet voorbeeld: ik ben best trots op het resultaat dat we als regio’s en provincie hebben bereikt om een efficiënter systeem voor de brug- en sluisbediening in Overijssel te realiseren. Rijkswaterstaat moest destijds bezuinigen, waardoor de bruggen en sluizen minder vaak open zouden gaan. We hadden net de plannen rond voor het verruimen van het Twentekanaal, dus dat zou echt nadelig zijn voor Overijssel. Terwijl het rijk goederenvervoer over water wilde stimuleren, zou dit door een rijksbezuiniging op de bediening juist worden tegengewerkt. We hebben RWS er van kunnen overtuigen dat de goederenvaart niet benadeeld mocht worden. Daardoor is uiteindelijk voor een aantal bruggen de digitale bediening, de bediening op afstand, tot stand gekomen. De bezuiniging is gerealiseerd door met minder mensen te werken en toch dezelfde service te blijven bieden. Dat was een heel mooi project.
Een ander goed voorbeeld van de Overijsselse aanpak is dat we de kennisinstellingen met een logistieke opleiding bij elkaar hebben gebracht in Logistics Overijssel. Dus MBO (Deltion, ROC van Twente, Aventus), HBO (Windesheim) en Universiteit (UT). Deze opleidingen vormen samen een werkgroep voor de onderlinge samenwerking binnen het logistiek-onderwijs met als doel dit zoveel mogelijk te verbinden aan de praktijk van het bedrijfsleven. Aan deze Overijssel-brede aanpak heeft Logistics Overijssel een grote bijdrage geleverd. En ook aan de vraag: hoe kun je studenten inzetten bij het oplossen van logistieke vraagstukken? Enerzijds helpt dat in hun opleiding, en anderzijds helpt de student ons door bij te dragen aan de versterking van het logistieke systeem. Studenten deden bijvoorbeeld onderzoek naar vrachtwagenparkeren: interviews met chauffeurs, wildparkeren in de bebouwde kom, dat soort concrete vraagstukken. Maar ook zijn er voorbeelden van wetenschappelijk onderzoek door de UT waar HBO studenten van Windesheim aan meewerken voor deelvraagstukken.
Wat maakt het netwerk speciaal?
Het netwerk is continu in beweging. Als je kijkt hoe we zijn gestart en waar we nu elkaar vinden in een gezamenlijk plan ‘Werken aan Logistics Overijssel’, dan maken we iedere keer stappen. Samen maken we ons sterk voor ruimte en bereikbaarheid, zoals de vernieuwing van de Kornwerderzandsluis, de laagwaterproblematiek van de rivieren en gaan we al jaren samen naar de internationale logistiek beurs in München. We ondersteunen de Week van de Logistiek en Logistics lab waar (techniek)onderwijs samenkomt met het Overijsselse bedrijfsleven. Onder andere in de ontwikkeling van robotisering. Vanuit de drive om samen te werken is de gezamenlijke propositie ontstaan. Dat maakt het netwerk voor mij echt speciaal en uniek in Nederland.
Wat ik ook mooi vind, zijn de jaarlijkse heisessies. Je brengt daar ondernemers, bestuurders en kennisinstellingen bij elkaar. En vergeet niet onze belangrijke netwerkpartners TLN, STL, Evofenedex, VNO-NCW, de 3 ports. Het hele netwerk komt met elkaar in gesprek. Dat werkt gewoon goed. Het goede gesprek voeren met elkaar en tegelijk de gezamenlijke doelstellingen scherp houden.
Je hebt lang gewerkt bij de overheid. Wat was je motivatie?
Wat ik zo leuk vind aan werken bij de overheid, is dat je met complexe maatschappelijke vraagstukken bezig bent. Zeker als het gaat over economie. Het gaat niet alleen over ruimte voor ondernemers om zich te vestigen, maar ook over energie, klimaat en bereikbaarheid. Alles komt daar samen. En logistiek is daarin veel meer dan alleen wielen. Dat brede speelveld en die samenhang tussen al die onderwerpen, dat is wat mij motiveert.
Wat ga je het meest missen?
In de logistiek komt zoveel samen. Je kunt het niet sectoraal benaderen, want het gaat niet alleen over de sector transport & opslag. Logistiek is een groeiende en essentiële schakel binnen de economie met miljoenen m2 logistiek vastgoed, distributiehubs en supply-chain activiteiten. Maakbedrijven, distributiecentra, warehouses: verladers en vervoerders zijn allemaal afhankelijk van elkaar. Er is altijd die vraag om iets van A naar B te krijgen.
En om in de logistiek te werken heb je mensen nodig op alle kennis- en opleidingsniveaus. Het is heel veelomvattend. En dus niet alleen de chauffeurs… Logistiek gaat ook over planners, operators, warehousing, duurzaamheid, bereikbaarheid en IT. Dat maakt het voor mij zo interessant.
Verder vind ik vooral vervoer over water superboeiend. Ik vind het altijd weer indrukwekkend om schepen te zien varen met lading of metershoge containers. Die beweging straalt nooit hectiek uit; er zit juist rust in. Terwijl ze ondertussen een belangrijke lading vervoeren en op tijd varen. Dat blijft mooi om te zien.
Jij gaat nu met pensioen. Wat zou je de volgende generatie mee willen geven?
Logistiek en economie veranderen continu, en juist omdat alles met elkaar samenhangt, kun je nooit denken dat je “klaar” bent. Kijk breed, niet sectoraal. Zie de verbindingen tussen bedrijven, onderwijs, overheid en infrastructuur. Dáár zit de kracht.
En durf ook af en toe uit te zoomen. In de hectiek van de dag vergeten we soms wat het gezamenlijke doel is. Als je met elkaar blijft praten, elkaar blijft opzoeken en blijft samenwerken, dan kom je het verst.
Tot slot: geniet van het vak. Er gebeurt zóveel moois, op de weg, op het spoor en ook op het water. Als je met open blik blijft kijken, zie je elke dag iets nieuws. Dat maakt werken in de logistiek bijzonder. Dat gun ik iedereen!


